Slim met geld, vrij in het leven
Je bent hier: HomeBudget & sparenSparen voor een verbouwing: wat het écht kostte
Budget & sparen

Sparen voor een verbouwing: wat het écht kostte

Geplaatst op 8 april 2026 · door Suzanne van Duijn · 3 min leestijd
Sparen voor een verbouwing: wat het écht kostte

We hebben vorig jaar de keuken en de badkamer aangepakt. Niet groots — geen uitbouw, geen muren verplaatsen. Nieuwe keukenfronten en een werkblad, en in de badkamer nieuw tegelwerk en een douche. Ik had er 4.200 euro voor begroot. Het werd 5.640.

Ik schrijf dit op omdat ik zelf niets kon vinden met echte bedragen erbij toen ik aan het plannen was — alleen gemiddelden en "reken op een marge". Hieronder staat precies waar de overschrijding vandaan kwam.

De begroting vooraf

PostBegrootWerkelijk
Keukenfronten en werkblad€ 1.900€ 2.050
Tegelwerk badkamer (materiaal)€ 620€ 780
Douche en kraanwerk€ 480€ 465
Loodgieter€ 600€ 1.180
Tegelzetter€ 400€ 700
Klein materiaal, verf, gereedschap€ 200€ 465
Totaal€ 4.200€ 5.640

Waar het misging

De loodgieter (+€580)

Verreweg de grootste. Achter de oude betegeling zat een afvoer die niet meer aan de eisen voldeed en een leiding met een lekkage die zich al maanden onzichtbaar had voltrokken. Dat kón niemand vooraf zien, en dat is precies het punt van verbouwen: wat er achter een muur zit, weet je pas als de muur weg is.

Bij een woning van voor 1980 mag je hier gewoon op rekenen. Dat is geen tegenslag, dat is de normale gang van zaken.

Het kleine materiaal (+€265)

Dit is de post die iedereen onderschat, mijzelf voorop. Kit, schroeven, plinten, een nieuw stuk plint omdat het oude brak, verf, kwasten, afplaktape, een boortje dat je niet had, vuilniszakken, een dag gereedschap huren. Elk bedrag is klein. Bij elkaar was het meer dan twee keer mijn begroting.

De tegelzetter (+€300)

Meerwerk omdat de ondergrond eerst moest worden vlakgemaakt. Ook zoiets dat je pas ziet als je begint.

Wat ik voortaan doe

  1. Twintig procent onvoorzien, apart begroot. Niet "we zien wel". Een echt bedrag op een echte rekening. Bij 4.200 euro was dat 840 geweest; ik zat er 1.440 overheen, dus zelfs dat was krap.
  2. Bij een oud huis: dertig procent. Leidingen, elektra en ondergronden zijn de drie plekken waar het geld verdwijnt, en die zie je alle drie pas na de sloop.
  3. Klein materiaal op tien procent van het totaal begroten. Niet op tweehonderd euro omdat het "een paar dingetjes" zijn.
  4. Offertes met een post "meerwerk" bespreken vóórdat het begint. Wij hebben afgesproken dat alles boven de honderd euro eerst gebeld wordt. Dat gesprek voorkomt de echt vervelende verrassingen.

Hoe ik het gespaard heb

Twintig maanden lang 250 euro per maand op een apart potje — zie Potjes maken. Dat is een lange adem, en er is een moment geweest, ergens rond maand veertien, dat ik dacht: laat maar, we lenen het gewoon.

Ik ben blij dat ik dat niet heb gedaan. Niet uit principe tegen lenen, maar om iets praktisch: doordat het gespaard geld op was toen we op 5.640 uitkwamen, hebben we de laatste vierhonderd euro aan afwerking uitgesteld naar dit voorjaar. Met een lening was die grens er niet geweest en was het waarschijnlijk zevenduizend geworden. De beperking heeft ons geld bespaard.

Alle bedragen zijn van 2025-2026 en gelden voor een appartement in Utrecht. Materiaalprijzen en uurtarieven verschillen sterk per regio en per jaar — gebruik dit als voorbeeld van de verhoudingen, niet als offerte.

xo, Suzanne
S
Suzanne van Duijn
Suzanne (38) woont in Utrecht, werkt als zelfstandig tekstschrijver en houdt sinds 2025 bij wat er met haar geld gebeurt. Ze schrijft over vaste lasten, budget en het opbouwen van een leven dat niet van één opdrachtgever afhangt.
Geplaatst in Budget & sparen

Reacties zijn gesloten.

Gerelateerde berichten